
Daar lig ik dan Als meisje van twee weken Tussen alle toeters en bellen door Hoor ik mijn hartje breken Waar ben je nou? Waar ben je nou? Hoe kan ik zo toch weten Dat er iemand is die van mij houden zal En mij liefdevol welkom heten Laat mij toch niet liggen hier Zo enig en alleen Te wachten tot iemand zeggen zal Ik ben er voor je, nu meteen Mijn lijfje rilt Wat voelt het koud Langzaam voel ik mij verdwijnen Het is de dood die mij beschouwd Hou mij vast! Hou mij vast! Dit kun je toch niet menen? Ben ik net ter wereld gekomen Nemen ze de benen Met hongerige armpjes reik ik uit Zoals ik nog vaak zal herhalen Voor een kruimeltje en een korst Het kleine beetje wat ik binnen kan halen Een plastic hand pakt mij vast Mijn lijfje rilt De hand is koud en onbekend Mijn ziel verstilt Begrijp het dan? Begrijp het dan? Dat ik het niet kan laten Om voor een sprankje warmte Mijzelf te verlaten Mijn lijf rilt Overal voelt het koud Weer heb ik mijzelf weggegeven Het is een patroon dat zich ontvouwd Een koude mist valt om mij heen Jij weet mij daar te bereiken Al kom jij daar niet met mij samen Hoe vaak ik ook uit blijf reiken De cirkel draait! De cirkel draait! Steeds kom ik de dood weer tegen Tot nu ik haar heb aangekeken En de ander kant op kan bewegen Mijn ziel begint zich uit te spreken Haar woorden liefdevol en vertrouwd Zij stelt aan mij de vraag Is er echt iemand die van mij houdt? In plaats van naar jou toe te rennen Zet ik mij neer op de bank Ik zet mijn poorten open En zeg dank Dank mij wel! Dank mij wel! Dat ik mij kan horen, voelen en beschrijven Ik geef mij al mijn liefde Ik zal voor altijd bij mij blijven Een warme stroom vervult mijn lijf Ik heb mijn liefde aanvaard Ik ben met mijzelf samengekomen De mist ik opgeklaard Ik proef de smaak van vers gebakken broden Mijn leven heb ik aangenomen De dood is nu mijn bondgenoot Mijn baarmoeder haar veilig onderkomen

Meld je hier aan om mijn nieuwste gedichten te ontvangen.
© 2023-2025 Daphne van den Broeke, All rights reserved, www.wordsofessence.org
